
Keerzijde
Bij gebruik vermelden: Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto Ruben de Heer
Bij gebruik vermelden: Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto Ruben de Heer

Detail met keizer Maxentius
Bij gebruik vermelden: Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto Ruben de Heer
Bij gebruik vermelden: Museum Catharijneconvent, Utrecht, foto Ruben de Heer
- TekstCatharina van Alexandrië († ca. 307)
Meester van Leende, ca. 1500
ABM bh274
Met haar linkervoet vertrapt Catharina keizer Maxentius. Ze moet van hem haar geloof in Christus afzweren, maar dit weigert ze. Ze bekeert zelfs vijftig van zijn raadgevers tot het christendom. Daarom wordt Catharina veroordeeld tot de dood op het rad, maar het werktuig verbrijzelt door de bliksem. Na nog een aantal wonderbaarlijke reddingen wordt Catharina onthoofd. Menig klooster draagt haar naam. Ze is de beschermheilige van kloosterzusters, maagden en gehuwde vrouwen. - soort tekstzaaltekst tentoonstelling
- voor tentoonstellingVrouwen voor het voetlicht
- geschreven in2012
- Nu te zien
- Huidige locatieKlooster begane grond gang Zuid
- ObjectnummerABM bh274
- Objectnaambeeld
- TitelCatharina van Alexandrië
- VervaardigerMeester van Leende (Noord-Brabant)
- Datering1495 - 1504
- Materiaaleikenhout, verf
- Afmetingen
- 101.0 cm
- 32.5 cm
- 23.0 cm
- Verwervingsmethodeschenking
- Verwervingsdatum1874-07-31
- BeschrijvingCatharina staat met haar linkervoet op keizer Maxentius, terwijl ze de rechter iets naar voren heeft geplaatst. In de nu verdwenen, opgeheven rechterhand zal ze een zwaard hebben gedragen, op de nu verdwenen linker lag een gesloten boek. De keizer steunt op zijn linkerarm. In zijn vooruitgestoken rechterhand hield hij een nu verdwenen scepter. In zijn geopende mond zijn zijn tanden zichtbaar.
Catharina draagt een bovenkleed met rechte hals waarvan de boord een zigzagpatroon vertoont. Over het bovenkleed ligt een keurslijf met v-hals, middenband met bloemversiering en rond uitlopende panden. De zoom van het keurslijf lijkt gefestonneerd. Het bovenkleed heeft wijde mouwen, waarin nauwe mouwen van een onderkleed zichtbaar zijn. Over haar schouders ligt een mantel die zij aan weerszijden onder haar armen, samen met de rok van het bovenkleed heeft opgenomen. Hierdoor is een regelmatige afwisseling van driehoeksplooien en pijpplooien ontstaan. Haar loshangende haren worden op het hoofd samengehouden door een getorste sierband, waarop een nu verdwenen kroon rustte. Aan haar rechtervoet een schoen met stompe neus. De keizer draagt een kroon met gekruiste banden en fleurons en een overkleed met brede bontkraag. De figuren zijn geplaatst op een met fijne groeven aangeduid grondje.
Sporen van polychromie:
Sporen witte grond. Helderrood op het bovenkleed van Catharina, links aan de binnenzijde van haar mantel (op zwartblauw), in haar haar en in de mond van de keizer en op zijn bontkraag. Rechts van de keizer op het grondje een rest groen. In een scheur van Catharina's kleed, boven het hoofd van de keizer een rest blauw.
Techniek:
Het stuk is aan de achterzijde uitgehold, uitgezonderd het hoofd en de grond. In de uitholling brede gutssporen en links aan de zijkant onderaan dwarse gutssporen. Langs de uitholling minstens zes gaten met resten van spijkers (voormalige afdichting?). De kern lag midden in het werkblok. [NB de onderzijde kon niet worden bekeken.] In het standvlak een rondgat tot in de uitholling, ca. 1,5 cm doorsn. Bij beide figuren zijn pupillen en iris ingesneden. De rand van het hoofd boven de sierband is afgewerkt met een ondiep zigzagpatroon, uitgezonderd het deel geheel achteraan in het midden. Boven op het hoofd enkele kleine inkepingen. Boven de uitholling een vierkant gesmeed oog. Een noest in de schoen en daaronder.
Staat:
Onder het beeld zijn drie spieën aangebracht om het recht te laten staan. De boezem is "gekuist". De versierde band is daarna ter hoogte van de boezem grof bijgesneden. Een overlangse invoeging (?) in de rechterschouder van de keizer.
Ontbreken: de kroon en het zwaard van Catharina; de scepter van de keizer.
Afgebroken: vrijwel de gehele rechterhand van Catharina (restanten bijgezaagd; afgebroken spijkers naast de duim en in de middelvinger en ringvinger; de linkerhand van Catharina met het attribuut daarop (bijgezaagd; in het vlak twee gaten met restanten van spijkers; dit vlak is voorzien van golvende ingekraste lijntjes (voor lijmhechting?)); enkele fleurons van de kroon van de keizer; aan de achterzijde links een kleine beschadiging in het haar van Catharina.
Radiale scheuren door het hoofd van Catharina; lichte scheuren aan de voorzijde over de gehele lengte; grote scheur in de grond bij de keizer (noest); grote scheuren boven het hoofd van de keizer in het kleed. Links in de plooi van het kleed een geoxydeerd gat. Enkele houtwormgaatjes in de achterzijde links en in beide zijkanten. - OpmerkingenVolgens Lemmens en De Werd 1971 stond op het boek oorspronkelijk het attribuut van haar marteling: het rad. Vgl. voor deze iconografie de Catharina uit St. Hubert (Uden 1999, cat.nr. 68, NB: vernieuwd).
Inv. Rientjes: 15de eeuw; later: Stichts, ca. 1500.
Vogelsang 1911: Noord-Nederlands, ca. 1500.
Bouvy 1947: wellicht lokaal Stichts werk, ca. 1500.
Utrecht 1962: Noord-Nederlands, ca. 1500.
's-Hertogenbosch 1971 (Lemmens en De Werd): auteurs zien in dit beeld het werk van een Brabants atelier ten zuiden van Eindhoven. Deze Catharina toont tot in de details overeenkomsten met een Catharina in de kerk te Leende, ca. 1480-1490, dat aan de Meester van de heiligenbeelden uit Leende wordt toegeschreven (zie 's-Hertogenbosch 1971, no.39). Ook de Utrechtse Catharina wordt aan hem toegeschreven maar op grond van het nog gestileerder weergegeven haar en de stompe schoen wordt zij iets later gedateerd: 1490-1500.
Leende 1974: Meester van Leende, ca. 1500. Behoort tot de later fasen van het werk van deze meester. Kenmerkend zijn een verdergaande stilering van het haar en als laat mode detail de zware, stompgeneusde schoen. Het beeld schijnt pas in de 19de eeuw in de St.-Barbarakerk te Bunnik terecht te zijn gekomen. [niet vermeld waarom] De Werd denkt dat de meester ca. 20 jaar in betrekkelijke geïsoleerdheid zijn wat provinciale beelden heeft gemaakt. Zijn vormentaal heeft hij in Den Bosch aangeleerd. Hij werkte mogelijk zelf in Eindhoven. Op het boek van Catharina stond een rad.
Van Liebergen 1978: ca. 1500, Meester van de heiligenbeelde van Leende.
Uden 1999: de Catharina van Leende verschilt van de Utrechtse op de volgende punten: stomp schoeisel i.p.v. spits; v-hals in de keurs i.p.v. rechthoekige hals; gedetailleerder uitgewerkte Maxentius; eikenhout i.p.v. notenhout.
Van Liebergen 1999: De meester van Leende is genoemd naar de gelijknamige plaats in Brabant, waar in de St. Petrus-Bandenkerk drie beelden van zijn hand staan: Elisabeth, Barbara en Catharina. De beelden zijn allen zwaar, met een brede guts gestoken, zeer frontaal en de plooienopbouw is schematisch herhaald. In de vroegste werken is de invloed van de Meester van Koudewater nog zichtbaar. Van iets later datum dan de Utrechtse Catharina is de Catharina van Gaasbeek (1510-15, Kasteelmuseum, Uden 1999, afb. 27). Gaasbeek was de residentie van Maximiliaan van Horne, heer van Leende.
Foto hangmap + corr. Bouvy-Lemmens 31 oktober 1973: een verwante vrouwelijke heilige, eveneens van de meester van Leende, ca. 1490, uit de St. Antoniusparochie te Blerick, bevindt zich in het Goltziusmuseum in Venlo.
Op de afbeelding in Vogelsang 1911 heeft Catharina nog haar gebalde rechterhand en haar linkerhand met boek. Volgens Vogelsang was de rechterhand origineel en ingepend, de linker een latere toevoeging. Op het inventarisvel is aangegeven dat beide handen vernieuwd waren. - LiteratuurverwijzingenCatharina van Alexandrië : een intrigerende heilige (Gon Loeber), 2022, p. 115Rome, de droom van keizer Constantijn : kunstschatten uit de eeuwige stad (Eric M. Moormann), 2015, p. 228-229, cat. nr. 76Mijn virtuele tentoonstelling: dappere vrouwen in het Catharijneconvent (Hortense Höppener-Bouvy), 2007, afb. 1De kruistochten (Babette Hellemans), 2005, p. 66, afb.Hout- en steensculptuur van Museum Catharijneconvent, ca. 1200-1600 (Marieke van Vlierden), 2004, p. 265Beelden in de abdij : middeleeuwse kunst uit het noordelijk deel van het hertogdom Brabant (Léon van Liebergen), 1999, p. 141, cat. nr. 44, afb. 90De meester van de heiligenbeelden uit Leende (Guido de Werd), 1974, cat. nr. 8, afb.Beelden uit Brabant : laatgotische kunst uit het oude hertogdom 1400-1520 , 1971, p. 22, 24, cat. nr. 41, afb.Beeldhouwkunst : Aartsbisschoppelijk Museum Utrecht (Désiré Bouvy), 1962, cat. nr. 128, afb. 54De middeleeuwsche beeldhouwkunst in de Noordelijke Nederlanden (Désiré Bouvy), 1947, p. 153Holzskulptur in den Niederlanden, 1: das Erzbischöfliche Museum zu Utrecht (W. Vogelsang), 1911, nr. 61, pl. X
- Opmerkingen?Ziet u een fout of heeft u extra informatie over dit object?
Laat het ons weten!



